Hup, opstaan, inpakken en wegwezen! Tja, het ging iets trager natuurlijk. We moesten eerst nog zelf koffie zetten, alle spullen bij elkaar rapen, de tent afbreken, alles in de auto zien te krijgen (ging makkelijk hoor) en daarna nog ter afscheid ontbijten bij het restaurantje. Ik vroeg om twee cappuccino en twee maal toast met jam en boter, oftewel Breakfast 2 zoals het aangekondigd stond. Het duurde even, maar ach, we namen toch al overal de tijd voor. We kregen de koffie, en daarnaast…een goedgevulde tosti. Even een misverstandje. We lieten het maar zo, hoewel onze magen zoiets op de vroege ochtend niet echt gewend zijn.
Zoals verwacht was het ontzettend druk op de weg. Waar we er
zondag bijna niemand zagen, was het nu een niet-aflatende stroom van weggebruikers.
Vooral het vrachtverkeer. Omdat wij allemaal zoveel spullen nodig hebben denk
ik dan altijd. Al zeker dertig jaar geleden probeerde ik me iets voor te
stellen wat in de toekomst normaal zou zijn, maar destijds nog compleet
ondenkbaar was. Ongeveer zoals ze in de middeleeuwen niet hadden kunnen voorzien
dat er zomaar warm water uit de kraan kwam, of verlichting als je op een knopje
drukte. Mijn idee was dat je in de toekomst geen vrachtverkeer meer nodig zou
hebben. Je kon thuis ergens op drukken (internet was er nog niet), en dan zou
het gewenste product zomaar in de buurt eruit rollen. Waaruit, tja, dat wist ik
ook niet. Maar gezien de huidige ontwikkelingen met o.a. 3D-printers denk ik
dat het niet eens meer zo ondenkbaar is. Het zou het vrachtverkeer aardig
kunnen inperken.
Maar daar hadden wij nu natuurlijk niets aan. We kachelden rustig
verder, en na Milaan werd het beduidend rustiger. We reden verder tot vlak na
Turijn, waar we een pitstop hielden.
Eigenlijk vonden we het wel genoeg voor vandaag, en gelukkig hielp Google
Maps ons snel aan een hotel op anderhalve kilometer afstand. In Rivoli melden we
ons bij de balie van hotel Davide. Een alleraardigste jongeman, met een T-shirt
aan met de opdruk ‘Sexy wear’, wat wij dan weer niet direct uit zijn voorkomen
haalden, stond ons te woord. Hij zou ons een hele goede kamer geven! Wilden we
eerst even kijken of het type dat hij in gedachten had ons beviel? Tuurlijk,
graag. Hij nam ons mee naar de 1e verdieping waar hij met enige
moeite een deur openkreeg. Die was namelijk geblokkeerd door een kastje. Dat
kwam omdat er in de kamer gerookt was, vertelde hij. En dat niet alleen, er
waren ook allerlei dingen beschadigd, waaronder dat kastje. Dat bij het openduwen
van de deur nog een extra optater kreeg en dus nu helemaal rijp was voor de
sloop. Maar, of we akkoord gingen met het bed? Die grootte? Ja hoor, prima. Ok,
dan gingen we nu de 3e
verdieping. Die kamers waren net vernieuwd. Inderdaad, zelfde type maar dan met
het alomtegenwoordige goedkope donkere houtfineer. Bed, kastenwand, nachtkastjes.
Die laatsten stonden, heel handig, op een meter afstand van de bedrand zodat je
zeker wist dat je je bed uit moest als je iets wilde pakken.
Maar wij zijn de beroerdste niet, vonden het wel prima. Het
was er superschoon, de ligging vlakbij de snelweg perfect. Nadat we alle
administratieve handeling hadden vervuld en de centraal geregelde airco van onze
kamer verlaagd was naar 19 in plaats van 23 graden, legde onze vriend uitvoerig
uit wat er te zien was in Rivoli. Het kasteel, daar kon je naartoe lopen en dan
zag je heel Turijn. Dat het inmiddels 36 graden was, en je te voet omhoog
moest, ach, dat moest je maar voor lief nemen. En er was ook een leuk plein,
waar iedereen samenkwam uit deze kleine stad van 50.000 inwoners (hij had zijn
data goed op orde). Je kon daar bijvoorbeeld een ijsje eten, er waren twee
ijssalons.
Nou, dat leek ons wel wat in deze hitte. We vonden al snel
een goede parkeerplek, een beetje aan de rand van het centrum. Wel een stukje
omhoog klauteren, maar je moet er wat voor over hebben. Alleen, we konden het
centrum niet vinden. In ons beste Italiaans – Gelato? Centro? – probeerden we
de weg te vragen. Ik hou het wat kort, maar het kwam erop neer dat we helemaal
verkeerd liepen. Veel te ver naar boven, toen naar beneden, weer terug naar boven
en toch geen plein gezien. Al met al waren we een uur en vele zweetdruppels verder.
Waar zijn de ijsjes als je ze nodig hebt?? We pakten opnieuw de auto, zochten
eerst op ‘rivoli plein ijssalons’, vonden het juiste plein en reden daarnaartoe.
Om te ontdekken dat alle parkeerplaatsen vol waren. Ik wilde nog één poging
wagen, en verdomd, na talloze straatjes afgezocht te hebben was er opeens
zomaar een plekje. Pfff. Of, om met Paulien Cornelisse te spreken: Hèhè (Bert
is net haar gelijknamige boekje aan het lezen). Het was een van de
ongezelligste pleinen die we ooit gezien hadden. Eigenlijk was het de naam plein
onwaardig vonden we. Veel autoverkeer, geen enkele beplanting, slechts wat bankjes
langs de kanten. Maar, we vonden wél de gelateria. Met twee reuzenijsjes die
nog net niet gratis waren zetten we ons op een van de bankjes waar nog wat
plaats was, tussen de duivenpoep. Het ijs was goddelijk, dat wel.
’s Avonds gingen we eten bij de Italiaan op de hoek. Dat was
een feest! Het leek eerder een circus dan een restaurant, compleet gevuld met
uitsluitend Italiaanse families. Dat kakelde en lachte door elkaar dat het een
lieve lust was. Een en al vrolijkheid. We vermaakten ons uitstekend, en keken
met bewondering naar de veelkoppige bediening die afhankelijk van het humeur
het eten op tafel smeet dan wel met een kwinkslag serveerde. Een dame naast ons
kreeg de verkeerde pizza. Ze had het zelf niet door, maar haar man wel, en toen
waren de rapen gaar. Werkelijk alles werd uit de kast getrokken, de manager
erbij gehaald, maar uiteindelijk kreeg de dame de goede pizza. En haar man had
maar weer eens even laten zien wie de baas was. Zij in elk geval niet.
Terug in de kamer vonden we het nog steeds warm. Ik ging
maar even vragen of ze toch nog voor wat extra koelte konden zorgen. Zouden ze doen.
Even later werd er op de deur geklopt; onze airco bleek kapot. Aha. Maar geen zorgen,
we mochten verkassen naar een andere kamer. En inderdaad, daar was het een stuk
aangenamer. Aldus gekoeld, eerst door de ijsjes en later door de airco, konden
we ons overgeven aan de slaap. Hèhè.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Wij vinden het leuk als jullie een reactie achterlaten!