vrijdag 19 juni 2026

Dag 12 – woensdag 17 juni: Venetië – Rivoli (tussenstop naar Frankrijk)

 Hup, opstaan, inpakken en wegwezen! Tja, het ging iets trager natuurlijk. We moesten eerst nog zelf koffie zetten, alle spullen bij elkaar rapen, de tent afbreken, alles in de auto zien te krijgen (ging makkelijk hoor) en daarna nog ter afscheid ontbijten bij het restaurantje. Ik vroeg om twee cappuccino en twee maal toast met jam en boter, oftewel Breakfast 2 zoals het aangekondigd stond. Het duurde even, maar ach, we namen toch al overal de tijd voor. We kregen de koffie, en daarnaast…een goedgevulde tosti. Even een misverstandje. We lieten het maar zo, hoewel onze magen zoiets op de vroege ochtend niet echt gewend zijn.

Zoals verwacht was het ontzettend druk op de weg. Waar we er zondag bijna niemand zagen, was het nu een niet-aflatende stroom van weggebruikers. Vooral het vrachtverkeer. Omdat wij allemaal zoveel spullen nodig hebben denk ik dan altijd. Al zeker dertig jaar geleden probeerde ik me iets voor te stellen wat in de toekomst normaal zou zijn, maar destijds nog compleet ondenkbaar was. Ongeveer zoals ze in de middeleeuwen niet hadden kunnen voorzien dat er zomaar warm water uit de kraan kwam, of verlichting als je op een knopje drukte. Mijn idee was dat je in de toekomst geen vrachtverkeer meer nodig zou hebben. Je kon thuis ergens op drukken (internet was er nog niet), en dan zou het gewenste product zomaar in de buurt eruit rollen. Waaruit, tja, dat wist ik ook niet. Maar gezien de huidige ontwikkelingen met o.a. 3D-printers denk ik dat het niet eens meer zo ondenkbaar is. Het zou het vrachtverkeer aardig kunnen inperken.

Maar daar hadden wij nu natuurlijk niets aan. We kachelden rustig verder, en na Milaan werd het beduidend rustiger. We reden verder tot vlak na Turijn, waar we een pitstop hielden.  Eigenlijk vonden we het wel genoeg voor vandaag, en gelukkig hielp Google Maps ons snel aan een hotel op anderhalve kilometer afstand. In Rivoli melden we ons bij de balie van hotel Davide. Een alleraardigste jongeman, met een T-shirt aan met de opdruk ‘Sexy wear’, wat wij dan weer niet direct uit zijn voorkomen haalden, stond ons te woord. Hij zou ons een hele goede kamer geven! Wilden we eerst even kijken of het type dat hij in gedachten had ons beviel? Tuurlijk, graag. Hij nam ons mee naar de 1e verdieping waar hij met enige moeite een deur openkreeg. Die was namelijk geblokkeerd door een kastje. Dat kwam omdat er in de kamer gerookt was, vertelde hij. En dat niet alleen, er waren ook allerlei dingen beschadigd, waaronder dat kastje. Dat bij het openduwen van de deur nog een extra optater kreeg en dus nu helemaal rijp was voor de sloop. Maar, of we akkoord gingen met het bed? Die grootte? Ja hoor, prima. Ok, dan gingen we nu  de 3e verdieping. Die kamers waren net vernieuwd. Inderdaad, zelfde type maar dan met het alomtegenwoordige goedkope donkere houtfineer. Bed, kastenwand, nachtkastjes. Die laatsten stonden, heel handig, op een meter afstand van de bedrand zodat je zeker wist dat je je bed uit moest als je iets wilde pakken.

Maar wij zijn de beroerdste niet, vonden het wel prima. Het was er superschoon, de ligging vlakbij de snelweg perfect. Nadat we alle administratieve handeling hadden vervuld en de centraal geregelde airco van onze kamer verlaagd was naar 19 in plaats van 23 graden, legde onze vriend uitvoerig uit wat er te zien was in Rivoli. Het kasteel, daar kon je naartoe lopen en dan zag je heel Turijn. Dat het inmiddels 36 graden was, en je te voet omhoog moest, ach, dat moest je maar voor lief nemen. En er was ook een leuk plein, waar iedereen samenkwam uit deze kleine stad van 50.000 inwoners (hij had zijn data goed op orde). Je kon daar bijvoorbeeld een ijsje eten, er waren twee ijssalons.

Nou, dat leek ons wel wat in deze hitte. We vonden al snel een goede parkeerplek, een beetje aan de rand van het centrum. Wel een stukje omhoog klauteren, maar je moet er wat voor over hebben. Alleen, we konden het centrum niet vinden. In ons beste Italiaans – Gelato? Centro? – probeerden we de weg te vragen. Ik hou het wat kort, maar het kwam erop neer dat we helemaal verkeerd liepen. Veel te ver naar boven, toen naar beneden, weer terug naar boven en toch geen plein gezien. Al met al waren we een uur en vele zweetdruppels verder. Waar zijn de ijsjes als je ze nodig hebt?? We pakten opnieuw de auto, zochten eerst op ‘rivoli plein ijssalons’, vonden het juiste plein en reden daarnaartoe. Om te ontdekken dat alle parkeerplaatsen vol waren. Ik wilde nog één poging wagen, en verdomd, na talloze straatjes afgezocht te hebben was er opeens zomaar een plekje. Pfff. Of, om met Paulien Cornelisse te spreken: Hèhè (Bert is net haar gelijknamige boekje aan het lezen). Het was een van de ongezelligste pleinen die we ooit gezien hadden. Eigenlijk was het de naam plein onwaardig vonden we. Veel autoverkeer, geen enkele beplanting, slechts wat bankjes langs de kanten. Maar, we vonden wél de gelateria. Met twee reuzenijsjes die nog net niet gratis waren zetten we ons op een van de bankjes waar nog wat plaats was, tussen de duivenpoep. Het ijs was goddelijk, dat wel.

’s Avonds gingen we eten bij de Italiaan op de hoek. Dat was een feest! Het leek eerder een circus dan een restaurant, compleet gevuld met uitsluitend Italiaanse families. Dat kakelde en lachte door elkaar dat het een lieve lust was. Een en al vrolijkheid. We vermaakten ons uitstekend, en keken met bewondering naar de veelkoppige bediening die afhankelijk van het humeur het eten op tafel smeet dan wel met een kwinkslag serveerde. Een dame naast ons kreeg de verkeerde pizza. Ze had het zelf niet door, maar haar man wel, en toen waren de rapen gaar. Werkelijk alles werd uit de kast getrokken, de manager erbij gehaald, maar uiteindelijk kreeg de dame de goede pizza. En haar man had maar weer eens even laten zien wie de baas was. Zij in elk geval niet.

Terug in de kamer vonden we het nog steeds warm. Ik ging maar even vragen of ze toch nog voor wat extra koelte konden zorgen. Zouden ze doen. Even later werd er op de deur geklopt; onze airco bleek kapot. Aha. Maar geen zorgen, we mochten verkassen naar een andere kamer. En inderdaad, daar was het een stuk aangenamer. Aldus gekoeld, eerst door de ijsjes en later door de airco, konden we ons overgeven aan de slaap. Hèhè.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Wij vinden het leuk als jullie een reactie achterlaten!