Hierna vroegen we eerst bij het toeristenbureau de tijden van de autotrein op, die ons morgen van hier naar Most na Soci moest brengen, en daarna namen we ter afscheid van Bohinj nog een drankje op een terras. Later die middag schoven we aan bij Marija en haar neef Rock, op de nieuwe veranda achter het huis. Marija had cake gebakken met kruiden uit de tuin erin, heel bijzonder. We kletsten een tijdje, maar het viel op dat Marija erg moe was. Dat klopte ook wel, ze heeft al jarenlang een ernstige ziekte onder de leden en het is in feite nog een wonder dat ze er nog is. De neef was er om te helpen met het schoonmaken omdat ook dat voor haar alleen te zwaar is. Normaal gesproken doet een van de kleindochters dat ook, maar die was net drie dagen daarvoor bevallen van dochter Liza, wat Marija tot overgrootoma maakte.
We stonden voor een dilemma. Waar gingen we eten? De keuze is niet heel groot, er zijn enkele zogenaamde vreetschuren waar je weliswaar je geld kwijt bent maar het eten echt ondermaats is, of, nou ja, je raadt het al, terug naar Srednja Vas waar we gisteren zo voortreffelijk gegeten hadden. In feite helemaal geen dilemma dus. Deze keer konden we buiten zitten, op het terras naast de bergbeek. Dat was eigenlijk iets te optimistisch, want nog best fris hoewel het aan drie kanten dichtgemaakt was met transparant plastic. Maar met een jasje erbij ging het goed, en het had natuurlijk wel extra charme. We bestelden iets te drinken, maar het bronwater dat we gisteren automatisch op tafel kregen mocht niet geserveerd worden: door de heftige regenval was het te vervuild geraakt. Dan maar een fles. Bert nam opnieuw de forel, die hier per 10 gram berekend wordt, en ik ook forel maar als filets op een bedje van risotto. Daarin zaten knapperig verse groentes verwerkt, erg lekker. Saai als we zijn namen we dezelfde toetjes weer met koffie toe, en bij het opdienen ervan kwam er één glaasje sterke drank met een pruim erin op tafel. Slivovitch natuurlijk. De kelner wist dat ik niet dronk omdat ik moest rijden, en bood me iets aan met minder alcohol, maar ook daarvoor bedankte ik vriendelijk. Waarop Bert zei dat hij dan wel voor twee genoot. Bij het afrekenen, binnen, schonk de kelner nóg eens twee glaasjes in. Eén voor hemzelf, en één voor Bert: om samen te proosten. Wat een mooi afscheid. Het was onze laatste dag hier, en we konden met zekerheid zeggen dat het ook de allerlaatste keer geweest was.
Thuisgekomen was alles donker, het was duidelijk dat onze vrienden echt de pijp uit hadden. Goed voorbeeld doet goed volgen, en aan die regel hielden we ons maar.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Wij vinden het leuk als jullie een reactie achterlaten!